Hoeveel spaargeld moet je hebben als je 25 jaar bent? In 2026 vergelijken steeds meer jonge Nederlanders hun banksaldo met dat van leeftijdsgenoten. De nieuwste beschikbare cijfers laten een verrassend verschil zien tussen gemiddeld sparen en de werkelijkheid.

Een goed salaris, een eigen woning en ondertussen duizenden euro’s op de spaarrekening: het klinkt als het ideale plaatje. Toch vertellen de cijfers een genuanceerder verhaal. Vooral de hoeveelheid geld die doorsnee jonge huishoudens bezitten, valt op.
Volgens de recentste beschikbare CBS-gegevens over spaargeld per leeftijd hadden huishoudens met een hoofdkostwinner jonger dan 25 jaar in 2024 gemiddeld 10.800 euro aan bank- en spaartegoeden. Dat klinkt behoorlijk, maar dit getal vertelt niet het volledige verhaal.
Het middelste bedrag, de mediaan genoemd, lag in dezelfde leeftijdsgroep namelijk op slechts 3.400 euro. Dat betekent dat de ene helft van deze huishoudens meer had en de andere helft minder. Een aanzienlijk verschil met het gemiddelde.
Voor huishoudens waarvan de hoofdkostwinner tussen de 25 en 35 jaar oud was, lagen de bedragen hoger. Daar bedroeg het gemiddelde spaarsaldo 23.700 euro, terwijl het doorsnee huishouden volgens de mediaan 9.800 euro op bank- en spaarrekeningen had.
Die cijfers maken één ding duidelijk: een gemiddelde kan behoorlijk misleidend zijn. Enkele zeer vermogende huishoudens trekken het gemiddelde omhoog, terwijl de mediaan beter laat zien hoeveel spaargeld een huishouden precies in het midden van de verdeling bezit.
Toch betekent dit niet dat iedere 25-jarige daadwerkelijk 9.800 euro gespaard moet hebben. De statistiek gaat over complete huishoudens, niet uitsluitend individuele twintigers. Bovendien lopen de leeftijden in deze categorie uiteen van 25 tot en met 34 jaar.
Iemand die net is afgestudeerd, staat financieel vaak op een ander punt dan een 34-jarige met tien jaar werkervaring. Ook maakt het behoorlijk uit of je alleen woont, samenwoont, nog studeert of tijdelijk bij je ouders verblijft.
Wie op zijn 25e bijvoorbeeld 5.000 euro heeft gespaard, zit boven de mediaan van huishoudens onder de 25, maar onder die van 25- tot 35-jarigen. Dat is een vergelijking, geen beoordeling van hoe verstandig iemand financieel bezig is.
Ondertussen groeit de totale Nederlandse spaarpot stevig door. Het CBS meldde dat huishoudens eind 2025 samen ongeveer 540,4 miljard euro aan spaartegoeden en deposito’s hadden. Dat was 8,1 procent meer dan een jaar eerder, ondanks alle financiële uitdagingen.
Dat enorme bedrag betekent echter niet dat iedere Nederlander rijker is geworden. Het vertelt vooral hoeveel geld huishoudens gezamenlijk bij banken aanhouden. Zonder actuele verdelingscijfers kun je niet concluderen dat het doorsnee spaarsaldo van 25-jarigen even snel is gestegen.
Hoeveel spaargeld heb je dan écht nodig wanneer je 25 bent? Daar bestaat geen wettelijk vastgesteld bedrag voor. Het Nibud adviseert juist om een persoonlijke financiële buffer te berekenen, afhankelijk van je woning, gezinssituatie, bezittingen en noodzakelijke uitgaven.
Zo heeft iemand zonder auto en met weinig vaste lasten een andere reserve nodig dan iemand met een koopwoning, een auto en kinderen. Een kapotte wasmachine of onverwachte autoreparatie kan immers zomaar honderden of duizenden euro’s kosten.
Het Nibud heeft een vernieuwde BufferBerekenaar beschikbaar. Daarmee kun je een adviesbuffer laten berekenen voor uitgaven die je niet gemakkelijk kunt uitstellen. Denk aan het vervangen van apparaten, meubels of noodzakelijke onderhoudswerkzaamheden aan huis en auto.
Een eerste spaardoel van 1.000 euro kan voor sommige starters een haalbare tussenstap zijn. Maar zo’n bedrag is niet automatisch voldoende als volledige noodbuffer. De juiste reserve hangt af van persoonlijke omstandigheden en het risico op onverwachte rekeningen.
Dat voorzichtigheid belangrijk is, blijkt uit een opvallend signaal van de Autoriteit Financiële Markten. Volgens de AFM gaf in september 2026 ongeveer één op de vijf Nederlandse huishoudens aan minder dan 1.000 euro spaargeld te hebben.
Voor een 25-jarige kan het daarom verstandiger zijn eerst financiële zekerheid op te bouwen dan blind een internetlijstje met spaardoelen te volgen. Een gezonde spaarrekening is vooral bedoeld om onverwachte kosten te betalen zonder direct geld te lenen.
Stel dat je maandelijks 200 euro kunt missen en dit automatisch overmaakt naar je spaarrekening. Dan bouw je in twaalf maanden 2.400 euro op, exclusief rente. Na twee jaar staat er dankzij jouw inleg 4.800 euro.
Wie 300 euro per maand opzijzet, spaart in twee jaar 7.200 euro zonder rente mee te rekenen. Dat klinkt misschien eenvoudig, maar bedragen zijn alleen realistisch wanneer je inkomen en vaste lasten voldoende ruimte laten om structureel te sparen.
Het kan helpen om direct na ontvangst van je salaris geld apart te zetten, in plaats van alleen te sparen wat aan het einde van de maand overblijft. Zo maak je sparen onderdeel van je gewone maandelijkse uitgavenpatroon.
Tegelijkertijd is het verstandig onderscheid te maken tussen een noodbuffer en andere spaardoelen. Geld voor een vakantie, festival of nieuwe telefoon is niet hetzelfde als geld waarmee je noodzakelijke tegenvallers kunt opvangen wanneer het financieel even tegenzit.
Ook schulden verdienen aandacht. Wie een dure lening heeft, kan soms meer besparen door die af te lossen dan door extra spaargeld tegen een lage rente op te bouwen. Houd daarbij wel voldoende geld beschikbaar voor onverwachte kosten.
En hoe zit het met beleggen? De AFM wees in mei 2026 op huishoudens die mogelijk meer rendement kunnen behalen op geld dat ze niet nodig hebben. Beleggen brengt risico’s mee en is geen vervanging voor direct beschikbaar buffergeld.
De belangrijkste conclusie is dus verrassend eenvoudig: er bestaat geen magisch spaarsaldo dat iedereen op zijn 25e moet bezitten. De CBS-mediaan biedt een interessant vergelijkingspunt, maar je persoonlijke buffer, maandlasten en financiële doelen zeggen uiteindelijk veel meer.
Heb je minder spaargeld dan leeftijdsgenoten, dan zegt dat niet automatisch iets over jouw financiële toekomst. En heb je juist meer, dan is dat geen garantie. Wie bewust spaart en onverwachte uitgaven kan opvangen, bouwt aan een basis.
Kijk hier:
| Leeftijd / categorie | Gemiddeld spaargeld | Mediaan spaargeld |
|---|---|---|
| Jonger dan 25 jaar | € 10.800 | € 3.400 |
| 25 t/m 34 jaar | € 23.700 | € 9.800 |
Bron: CBS, cijfers over 2024. Bedragen per huishouden, niet per persoon. Mediaan = het middelste bedrag in de verdeling.